Op 10 februari 2026 stuurde het kabinet de Tweede Kamer het advies van de landsadvocaat over de staatssteunaspecten van het nieuwe financieringsstelsel voor de kinderopvang. De conclusie: er is een groot risico dat de nieuwe financiering als staatssteun wordt aangemerkt. Dat klinkt juridisch, maar de gevolgen kunnen groot zijn.
Wat verandert er in 2029?
Vanaf 2029 wil het kabinet de vergoeding voor kinderopvang rechtstreeks uitbetalen aan kinderopvangorganisaties en gastouderbureaus. Ouders betalen nog ongeveer 4 procent zelf. De overheid draagt dan jaarlijks ongeveer 9 miljard euro bij. Het uiteindelijke doel is een eenvoudiger stelsel zonder toeslagen en zonder terugvorderingen. Kinderopvang wordt daarmee voor werkende ouders bijna gratis.
Máár: wanneer de overheid grote bedragen rechtstreeks aan organisaties betaalt, kan dit volgens Europese regels worden gezien als staatssteun. Staatssteun is in principe verboden, tenzij deze juridisch goed wordt ingekaderd.
Waarom kiest het kabinet voor een DAEB?
Om dat risico te beperken, wil het kabinet kinderopvang aanwijzen als een Dienst van Algemeen Economisch Belang, een DAEB. Dit is een constructie die ook wordt gebruikt bij bijvoorbeeld woningcorporaties of openbaar vervoer. Volgens de Rijksoverheid is dit nodig om te voorkomen dat subsidie later moet worden terugbetaald. Als de Europese Commissie of een rechter zou oordelen dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun, kunnen organisaties verplicht worden om ontvangen subsidie terug te betalen.
Wat betekent dit voor organisaties?
Binnen een DAEB-kader geldt dat er geen sprake mag zijn van overcompensatie. Dat betekent: subsidie mag niet hoger zijn dan de kosten van kinderopvang plus een redelijke winst. Organisaties moeten hiervoor een aparte verantwoording bijhouden op houderniveau. De overheid laat nog onderzoeken wat een redelijke winst precies is. Tegelijk benadrukt het ministerie dat investeringen in kwaliteit en capaciteit mogelijk blijven
Toch is er discussie in de sector. De Brancheorganisatie Kinderopvang noemt het plan juridisch twijfelachtig. Ook BOinK stelt vragen bij de onderbouwing dat hier daadwerkelijk sprake zou zijn van selectieve staatssteun.
En de gastouderopvang?
Juridisch valt ook de gastouderopvang onder de DAEB. In de praktijk verandert er volgens het ministerie weinig, omdat gastouders worden uitgezonderd van aanvullende verplichtingen. Dat is mogelijk omdat het subsidiebedrag per gastouder relatief beperkt is.
Waarom dit belangrijk is
De DAEB is het juridische fundament onder het nieuwe stelsel. Zonder deze constructie loopt de sector het risico op terugvorderingen. Met deze constructie ontstaan juist nieuwe vragen over winst, verantwoording en investeringsruimte. Het wetsvoorstel wordt nog getoetst en besproken. Het doel blijft invoering per 1 januari 2029.
Voor kinderopvangorganisaties betekent dit: de komende jaren blijven bepalend voor de financiële en juridische kaders waarbinnen de sector gaat werken. Ovivio volgt de ontwikkelingen en houd je op de hoogte van wat dit concreet betekent voor jouw organisatie.