Ovivio

Dit zegt nieuwsgierigheid bij baby’s over hun ontwikkeling 

Sommige baby’s willen alles zien, horen en ontdekken. Andere baby’s kijken wat korter en zijn sneller klaar. Nieuw onderzoek laat zien dat die verschillen al vroeg zichtbaar zijn en mogelijk invloed hebben op latere ontwikkeling. 

Onderzoekers van het Baby & Child Research Center in Nijmegen volgden zestig kinderen over een periode van bijna drie jaar. Zij wilden weten of nieuwsgierigheid op jonge leeftijd samenhangt met hoe kinderen zich later ontwikkelen op het gebied van taal en kennis. 

Hoe zie je nieuwsgierigheid bij baby’s? 

Onderzoekers keken naar baby’s van ongeveer acht maanden oud. Met behulp van eye tracking werd gemeten waar baby’s naar kijken en hoe lang. Eye tracking is een techniek die precies volgt waar iemands blik naartoe gaat. De baby’s kregen beelden te zien die steeds een beetje anders waren. Sommige beelden waren voorspelbaar, andere juist nieuw of verrassend. Zo konden de onderzoekers zien waar een baby op reageert. Wat opviel: niet alle baby’s reageren hetzelfde. Sommige baby’s blijven langer kijken naar beelden waar nog iets te ontdekken valt. Ze lijken actief op zoek naar nieuwe informatie. Andere baby’s kijken korter of haken sneller af. 

Dat verschil noemen onderzoekers nieuwsgierigheid. Niet als een eigenschap die je wel of niet hebt, maar als een manier waarop een baby met zijn omgeving omgaat. Hoe meer een baby gericht is op nieuwe informatie, hoe nieuwsgieriger hij in dit onderzoek wordt gezien. Op groepsniveau zagen de onderzoekers ook een duidelijk patroon: baby’s kijken langer naar situaties waar ze iets van kunnen leren. Zodra een beeld geen nieuwe informatie meer oplevert, neemt de aandacht af. Dat laat zien dat baby’s al heel jong gericht leren door te kijken. 

Drie jaar later: zie je dat terug? 

Toen dezelfde kinderen 3,5 jaar oud waren, deden ze een intelligentietest voor jonge kinderen. Daaruit bleek dat baby’s die eerder meer gericht waren op nieuwe informatie, later gemiddeld hoger scoorden. Vooral op taal en algemene kennis. Het gaat niet om een rechte lijn. Het verschil zit vooral bij de groep die als baby extra nieuwsgierig was. Zij laten later vaker een voorsprong zien. Maar kinderen die minder nieuwsgierig waren, doen het niet automatisch slechter. Nieuwsgierigheid werkt dus vooral als een extra zetje. 

Waarom vooral taal? 

Het effect was het duidelijkst zichtbaar bij taal. Dat is niet zo vreemd. Taal leer je vooral door contact. Baby’s die veel kijken, reageren en initiatief nemen, krijgen vaak ook meer reactie terug. Volwassenen gaan benoemen, uitleggen en in gesprek. Zo horen deze kinderen meer woorden en leren ze sneller verbanden leggen. Die extra taalervaring zie je later terug. 

Een kettingreactie in ontwikkeling 

De onderzoekers denken dat er sprake is van een soort kettingreactie. Een baby die nieuwsgierig is, kijkt meer en ontdekt meer. Daardoor krijgt het kind ook meer reactie van de omgeving. En dat stimuleert de ontwikkeling weer verder. Ontwikkeling gebeurt dus niet in losse stappen, maar in een proces dat elkaar versterkt. 

Voor jou in de praktijk 

Voor gastouders, pedagogisch medewerkers en ouders zit de waarde vooral in hoe je reageert op een kind. Kinderen laten vaak zelf zien waar hun aandacht naartoe gaat. Door daarop aan te sluiten, help je hun ontwikkeling. 

Denk aan: 

  • Benoemen wat je samen ziet  
  • Reageren op signalen van het kind  
  • Samen kijken en ontdekken  
  • Inspelen op waar het kind mee bezig is  

Ook bij kinderen die minder nieuwsgierig lijken, kun je verschil maken. Juist door ze iets meer te prikkelen of mee te nemen. 

Een belangrijke kanttekening bij het onderzoek 

Er is ook een belangrijke kanttekening. De kinderen in dit onderzoek kwamen vooral uit gezinnen met een relatief hoog opleidingsniveau. Daardoor is nog niet duidelijk hoe deze resultaten gelden voor alle kinderen. Daar is meer onderzoek voor nodig. Wat dit onderzoek vooral laat zien, is dat nieuwsgierigheid vroeg begint. En dat het een rol speelt in hoe kinderen zich ontwikkelen. Niet als harde voorspeller, maar als iets dat kan helpen. Als een extra duwtje in de rug. Misschien nog wel belangrijker: het laat zien hoe groot de rol van de omgeving is. Niet alleen wat een kind doet, maar vooral wat wij daarmee doen. 

Meer weten over hoe jij de ontwikkeling van kinderen kunt ondersteunen? De Kinderopvang Academie helpt je verder. Kinderopvang Academie Ovivio

Bronnen 

  • de Boer et al. (2026), Developmental Science  
  • Nederlands Jeugdinstituut 

Bronnen
Baby & Child Research Center (2026)
de Boer et al. (2026), Developmental Science
Nederlands Jeugdinstituut (WPPSI IV) 

Renée Yntema
Contents
Share