Ovivio

3 min

Wie staat er straks nog voor de groep? 

Het personeelstekort in de kinderopvang wordt steeds zichtbaarder, het is een vraag die steeds harder klinkt in de kinderopvang: waar halen we de mensen vandaan? Want terwijl de vraag naar opvang groeit, wordt het steeds moeilijker om genoeg medewerkers te vinden én te houden. 

Volgens de arbeidsmarktprognose van AZW uit februari 2026 groeit het personeelstekort in de kinderopvang van bijna 11.000 medewerkers nu naar ruim 34.000 in 2035. Geen ver toekomstscenario, maar een ontwikkeling waar veel organisaties vandaag al middenin zitten. 

De oorzaak is niet simpel. Er komen meer kinderen naar de opvang en daardoor zijn ook meer medewerkers nodig. Tegelijkertijd groeit het aantal nieuwe collega’s niet snel genoeg mee. En dat merk je op veel groepen inmiddels iedere dag. 

De rek raakt eruit 

Collega’s vallen voor elkaar in. Leidinggevenden springen bij op de groep. Pedagogisch professionals draaien extra uren om roosters rond te krijgen. Voor veel organisaties is dat allang geen uitzondering meer. Uit de arbeidsmarktpeiling van Kinderopvang werkt! van mei 2025 blijkt dat het personeelstekort op sommige plekken iets lijkt af te nemen. In 2024 gaf 30 procent van de organisaties aan met tekorten te kampen. In 2025 was dat 23 procent. 

Dat klinkt positief, maar achter die cijfers zit ook een andere werkelijkheid. Bij bijna één op de vijf organisaties duurt het tekort al langer dan drie jaar. Daar is de druk dus niet tijdelijk, maar inmiddels onderdeel van de dagelijkse praktijk geworden. 

Meer BIO’s op de groep 

De overheid probeert ruimte te creëren door meer beroepskrachten in opleiding, BIO’s, in te zetten. Staatssecretaris Nobel wil de tijdelijke verruiming hiervoor structureel maken. Vanaf 1 juli 2026 mogen organisaties de helft van hun team laten bestaan uit BIO’s, in plaats van een derde. Dat kan helpen om roosters rond te krijgen. Maar iedereen die een stagiair of BIO begeleidt, weet ook dat dit tijd vraagt van de collega’s die er al staan. Een BIO leert nog. En goede begeleiding krijg je er niet zomaar even bij in een drukke werkdag. 

Daarom zit de oplossing niet alleen in nieuwe mensen aantrekken. De sector staat ook voor een andere uitdaging: hoe zorgen we dat ervaren professionals willen blijven? 

Want de werkdruk blijft voelbaar 

Veel pedagogisch professionals herkennen het gevoel dat de dagen voller worden. De groepen worden niet kleiner. Kinderen hebben soms meer begeleiding nodig. En ondertussen blijven vacatures openstaan. Werkdruk is dan ook een belangrijke reden waarom mensen de sector verlaten. En juist daardoor ontstaat een vicieuze cirkel: hoe minder collega’s er zijn, hoe hoger de druk wordt voor de mensen die blijven. 

De vraag wie er straks nog voor de groep staat, gaat daarom over meer dan alleen personeelstekorten. Het gaat ook over werkplezier, begeleiding, waardering en de ruimte om je werk goed te kunnen doen. Steeds meer organisaties kijken daarbij niet alleen naar nieuwe collega’s, maar ook naar slimmer werken. Minder losse systemen, meer overzicht en betere samenwerking nemen de druk niet weg, maar kunnen wel helpen om weer wat ruimte terug te brengen in de dag. 

Want goede kinderopvang draait uiteindelijk niet om systemen of prognoses. Het draait om de mensen op de groep. En juist die mensen bepalen straks of de sector overeind blijft. 

Bronnen: 

  •  AZW Arbeidsmarktprognose Kinderopvang 2025–2035, februari 2026 
  •  Kinderopvang werkt! Arbeidsmarktpeiling mei 2025 
  •  Nieuwsbericht Rijksoverheid, januari 2026 
Renée Yntema
Contents
Share